De meest gebouwde jager ooit. Elke geallieerde jager werd ermee vergeleken.
1940·642 km/h·33,984·DB 605A omgekeerde V12, 1.475 PS·660 km (E) · tot 1.994 km met tank (G)·12,000 m
1· HET VERHAAL
De jager waar alles aan werd afgemeten
De Bf 109 was het kleinste vliegtuig dat je om de grootste beschikbare motor kon bouwen. Duitsland maakte er zo'n 34.000: meer dan van welke andere jager ooit. Boven Engeland was hij in 1940 minstens zo goed als de Spitfire. Hij klom sneller, dook sneller, en zijn motor bleef lopen op momenten dat die van de Spitfire stilviel. Wat hij tekortkwam, was brandstof. Vanuit Frankrijk had een 109 misschien tien minuten boven Londen voor hij terug moest. Dat, en niet een fout in het vliegtuig, kostte de Duitsers de slag.
642 km/hTopsnelheid (G-6)33,984Gebouwd
2· WAAROM HET ERTOE DEED
Injectie won van de carburator
Duw de neus hard omlaag en de brandstof in een vlottercarburator zweeft naar de bovenkant van de kamer. De motor krijgt dan even niets, en daarna juist te veel. Spitfires en Hurricanes met een Merlin verloren daardoor een seconde of twee hun vermogen telkens als een 109 vooroverdook. De DB 601 van de 109 spoot zijn brandstof rechtstreeks in de cilinders, en die manier werkt in elke stand. De RAF loste het in 1941 voorlopig op met een messing ringetje in de brandstofleiding, bedacht door Beatrice Shilling. De echte oplossing, een drukcarburator, kwam pas in 1943.
Vanaf de F-versie zat er een kanon in de holle propelleras, de Motorkanone. De granaten vlogen daardoor precies langs de zichtlijn van de piloot. Vleugelwapens moesten schuin naar binnen worden gericht om hun vuur op een gekozen afstand te laten samenkomen. Bij het kanon in de propelleras was dat niet nodig. Latere versies kregen daar een 30 mm-kanon, waarvan enkele treffers genoeg waren om een bommenwerper neer te halen.
4· WAAROM HET ERTOE DEED
Te weinig brandstof om de slag te winnen
Met 400 liter brandstof kwam de 109 E ongeveer 660 km ver, en dat betekent een actieradius van zo'n 300 km. Vanuit Pas-de-Calais bleef er dus maar een paar minuten over boven Londen, en daarna moest de piloot het Kanaal weer over terwijl het brandstoflampje al brandde. Bommenwerpers begeleiden op hún trage snelheid maakte het nog erger. De afwerptank van 300 liter kwam pas in augustus 1940, te laat voor die zomer. Aan de prestaties van de 109 lag het nooit. Aan de brandstof wel.
5· DE MOTOR
Daimler-Benz: de omgekeerde V12 met injectie
Ook bij de DB 601 hingen de cilinders op hun kop, net als bij de Jumo. De brandstof werd rechtstreeks ingespoten onder drukken die in 1940 tot de modernste techniek behoorden. Ook de aandrijving van de compressor was slim: een hydraulische koppeling die door een barometer voortdurend aan de hoogte werd aangepast. In plaats van de sprong van een versnellingsbak ging de compressor dus geleidelijk sneller draaien naarmate de lucht ijler werd. De opvolger, de DB 605, groeide tot 35,7 liter. De late G-versies konden water en methanol in de inlaat spuiten om enkele minuten 1.800 PS te leveren. Een moderne turbomotor gebruikt dezelfde truc om extra laaddruk te verdragen zonder te kloppen.
DB 601A · omgekeerde V-12 · 33,9 L · Bosch directe injectie · compressor aangedreven via een koppeling · 1.175 PS; later DB 605 met MW 50 tot 1.800 PS
Twee mitrailleurs, twee kanonnen en een kanon in de neus
De Emil van 1940 had twee lichte mitrailleurs boven de motor en twee 20 mm-kanonnen in de vleugels. Samen vuurden ze ongeveer 2,1 kg metaal per seconde af. De kanontrommels bevatten slechts zestig granaten, genoeg voor zeven seconden, waarna alleen de mitrailleurs overbleven. Bij de Gustav van 1943 verhuisden de zware wapens naar de neus: twee 13 mm-mitrailleurs en een 20 mm-kanon door de spinner. Daarmee bleef de vuurkracht ongeveer gelijk, maar was veel meer munitie beschikbaar. Voor de jacht op bommenwerpers konden nog kanonnen in gondels onder de vleugels worden gemonteerd. Die verdubbelden de vuurkracht, maar maakten het toestel zo log dat jachtvliegers er een hekel aan hadden.
7· PROBEER HET
Minuten boven Londen: wat je voor 400 liter krijgt
Het tabblad bereik staat op de Emil: de brandstof aan boord, de afwerptank die hij die zomer nog niet had, een Kanaaloversteek heen en terug, en een reserve. Wat overblijft, is de tijd die hij boven het doel kan vechten. Dat getal besliste de Slag om Engeland meer dan welk prestatiecijfer ook.
Uitlezing
Vermogen1.108 pk
Per motor1.108 pk
Ware luchtsnelheid560 km/h
Dienstplafond10.500 m
Een vereenvoudigd model, geijkt op het opgegeven vermogen en de topsnelheid. Het gaat om de vorm van de curve, niet om de derde decimaal.
Messerschmitt Bf 109, 2 van 10
Verdieping · Injectie tegen de carburator· geopend vanuit Messerschmitt Bf 109
Tijdlijnen · WO2-vliegtuigen · ga dieper · Messerschmitt Bf 109
Injectie tegen de carburator1940
Duw de neus omlaag en een vlottercarburator krijgt geen brandstof meer. Voor de 109 maakte het niet uit welke kant boven was.
Een vlotterkamer bij negatieve g: de brandstof zweeft omhoog, de sproeier ligt droog, de motor hapert
Een carburator mengt brandstof met lucht. De lucht raast langs een klein buisje, de sproeier, en zuigt daar brandstof uit een kamertje. Een vlotter houdt dat kamertje op peil, net als in een stortbak. Zet het geheel nu op zijn kop, of duw de neus zo hard omlaag dat alles binnenin even gewichtloos is. De brandstof zweeft dan weg van de sproeier: het mengsel wordt te arm en de motor valt stil. Even later hangt de vlotter verkeerd om en stroomt er juist te veel brandstof binnen. De Merlin van 1940 had precies zo'n carburator. De DB 601 pompte zijn brandstof rechtstreeks in de cilinders en merkte er niets van.
02Waarom het ertoe doet
Waarom een duik met negatieve g een Spitfire versloeg
Een 109-piloot met een Spitfire achter zich kon de stuurknuppel naar voren duwen en wegduiken. De Spitfire-piloot die hem volgde, was een seconde of twee zijn motor kwijt, raakte achterop en verloor daardoor vaak het gevecht. Spitfire-piloten leerden daarom eerst een halve rol te maken en dan pas de duik in te trekken. Zo bleven de g-krachten positief, maar het kostte tijd.
03Waarom het ertoe doet
Het ringetje van Miss Shilling
In maart 1941 zette Beatrice Shilling, ingenieur bij het Royal Aircraft Establishment, een klein messing ringetje in de brandstofleiding. Het liet niet meer brandstof door dan de motor op vol vermogen nodig had. Daarmee was het verzuipen voorbij, al niet de eerste korte onderbreking. Piloten gaven het ringetje een bijnaam die is blijven hangen. De echte oplossing kwam in 1943: de Bendix-Stromberg-drukcarburator, die de brandstof onder druk in de compressor spoot en helemaal geen vlotter meer had.
04Waarom het ertoe doet
Waarom de Merlin zijn carburator hield
Als brandstof in een carburator verdampt, koelt ze de binnenkomende lucht. In een motor met compressor levert dat wat extra vermogen op, en Rolls-Royce vond dat belangrijker dan het probleem bij negatieve g. De Duitsers kozen andersom. Beide motoren hebben veldslagen gewonnen.
05Probeer het
Vlotterkamer onder g-belasting
Een vlotterkamer met een g-schuif: kijk waar de brandstof staat ten opzichte van de sproeier terwijl het vliegtuig de neus omlaag duwt.
Uitlezing
Brandstof in de kamerop de bodem
Sproeiergevoed
Motorloopt
Dit laat zien waar de brandstof zit en niet hoe het mengsel eruitziet. In werkelijkheid viel de motor in twee fasen uit: eerst door een te rijk mengsel toen de vlotter zakte en daarna door brandstofgebrek. De tijdelijke oplossing van de RAF was een ringetje in de brandstofleiding. De DB 601 had dit probleem niet.